10: Spaanse kopzorgen


Bij wijn importeren en verkopen komt heel wat kijken, meer dan je zo op het eerste oog zou denken als je een lekker glas wijn inschenkt. Het is niet voor niets dat veel kleine wijnimporteurs er na één of twee jaar alweer mee stoppen. We beschrijven hier telkens een aspect van het importeurschap.

Als importeur van Spaanse wijnen van vooral kleine familiebodega’s hebben wij voortdurend te maken met de Spaanse volksaard, voor zover daar trouwens in dit verdeelde land sprake van is. De verschillen tussen Andalusiërs en Catalanen zijn bijvoorbeeld best groot. Voordat we enkele ‘kopzorgen’ beschrijven, eerst een positief begin. We zijn natuurlijk niet voor niets al bijna 25 jaar trouwe Spanjegangers. De Spanjaarden zoals wij die kennen, zijn zeer hartelijk, gastvrij en gul. Eet mee, drink een glaasje mee, neem nog een stukje lekkere ham, neem dit flesje mee, het is niet snel teveel. Het zijn harde werkers die veel uren maken. Ze nemen meestal alle tijd voor je en zijn relaxed. Komt het vandaag niet, dan morgen wel. Inderdaad: het beroemde mañana. Dat heeft ontegenzeggelijk zo zijn voordelen. De contacten zijn altijd gemoedelijk en niet erg zakelijk. Ze zien het leven over het algemeen zonnig in en zijn heel wat minder zeurpieterig dan veel Nederlanders. Maar de Spaanse aard en cultuur heeft soms zo ook zijn keerzijde …

 

Niet kunnen plannen

Plannen is een werkwoord dat de ad hoc Spanjaard niet kent. Je weet meteen na de oogst vrij goed wanneer ongeveer X liter van wijn Y klaar zal zijn, tenminste vele maanden later. Niet zo ingewikkeld dus om dan ruim voor de tijd van bottelen te zorgen dat je voldoende flessen, etiketten, kurken, capsules en dozen in huis hebt. Zo niet bij kleine Spaanse wijnboeren. Bij diverse van onze wijnhuizen gaat men rond het moment van bottelen eens nadenken over dat soort zaken. Tegen de tijd dat men er uit is hoe het etiket er dit jaar uit komt te zien, moet er vaak eerst nog een vormgever gevonden worden. En dan nog het drukken, dat telkens weer een crime blijkt te zijn en vaak weken en weken duurt. Wellicht dat de betrekkelijk kleine oplagen ermee te maken hebben, maar voor ons vaak niet te begrijpen. Allemaal geen probleem als er nog voldoende van de oude jaargang van de wijn is, maar die is vaak al maanden op. Zodat voor ons elke week er een is als je geen voorraad meer hebt.

 

Niet erg georganiseerd

En soms: totaal ongeorganiseerd. We hebben meermalen meegemaakt dat de bodega ons had beloofd om op bijvoorbeeld dinsdagochtend een pallet aan te leveren bij de transporteur naar Nederland en dat deze er 's middags om 14.00 nog niet was. Als je dan contact opneemt, blijkt men het soms domweg vergeten. Maar ere wie ere toekomt: men laat dan vaak alles uit de handen vallen om als een gek aan de slag te gaan en het alsnog, wel iets later, aan te leveren. Want Spanjaarden kunnen als de beste improviseren!

 

Zeer trots

Wij hebben de Spanjaarden leren kennen als een uiterst trots volk. Wat zij maken, is toch echt het allerbeste en er kan niets fout mee zijn. Helaas is dat soms toch echt wél het geval. Slechte dozen, slechte etiketten, etiketten met een oude jaargang op nieuwe jaargang wijn (onder het mom van: we hadden nog geen nieuwe etiketten) en soms helaas ook wijn waar echt iets mee mis is. Hollanders, zoals wij, zijn gewend daar tamelijk direct op te reageren en niet teveel om de hete brij heen te draaien. Oei, dat kun je in Spanje beter niet doen. Die-wijn-waar-toch-echt-iets-mis-mee-is, is volgens de makers de beste jaargang sinds mensenheugenis: ‘niet zeuren, we hebben het zelfs door onze Spaanse  vinoloog laten proeven.’ Wat schetst onze verbazing als we later in het magazijn van deze bodega een hele lading van de betreffende jaargang apart zien staan, onverkoopbaar. De onze spoelen we maar door de gootsteen. Onder het toeziend oog van een douaneambtenaar, zodat we in elk geval nog de door ons betaalde accijns kunnen terugkrijgen.

 

Geen verstand van marketing

De gemiddeld bloementeler weet exact wanneer zijn bloemen klaar moeten zijn voor pieken als Valentijnsdag of Vrouwendag. De gemiddelde kleine Spaanse wijnboer houdt echter maar zeer beperkt rekening met bijvoorbeeld happenings als Kerst. Dat zijn toptijden in de horeca en ook winkels moeten bijtijds hun schappen gevuld hebben. Daarom moet de wijn toch wel op 1 december in Nederland moet zijn. Als het aan sommige Spanjaarden ligt, gaan ze begin december (of een weekje later) rustig eens etiketteren en komt de wijn op 24 december binnen. Te laat dus. Marketingdenken is in dit land, dat tot de jaren ’70 nog een dictatuur was, nog niet erg ontwikkeld. Dat blijkt ook uit de vaak chaotische manier van naamgeving en vormgeving van verschillende wijnen van één wijnhuis. Maar er is inmiddels gelukkig wel duidelijke vooruitgang te bespeuren.

 

Begrip ‘spuugbak’ onbekend

Als je zoals wij veel - en ook regelmatig wijn moet proeven, is een zogeheten spuugbak onmisbaar. In Spanje doen ze daar maar zeer mondjesmaat aan, er wordt vooral veel doorgeslikt. Spuugbakken zoals wij die kennen, zie je er dan ook zelden. Oftewel: je krijgt al snel veel wijn binnen, soms teveel. En dat vertroebelt soms het beoordelingsvermogen. Een enkele keer gebruiken ze wel een vaas, een groot glas of karaf als spuugbak. Dat kan soms tot genante situaties leiden. Ik durf het bijna niet te zeggen, maar op een wijnbeurs in Granada spuugde ik de geproefde wijn in een karaf. Deze was gevuld met de topwijn van de bodega in deze stand ... Gelukkig vatte de standhouder het niet op als een belediging.

© 2011 - 2021 Granada Wijnen | sitemap | rss | webwinkel beginnen - powered by Mijnwebwinkel